Gratis onze maandelijkse nieuwsbrief per e-mail ontvangen? Klik hier !

Eén God én één Heer…

1 Korinthe 8:5-6
(SVV) "
Want hoewel er ook zijn, die goden genaamd worden, hetzij in den hemel, hetzij op de aarde (gelijk er vele goden en vele heren zijn), Nochtans hebben wij maar één God, den Vader, uit Welken alle dingen zijn, en wij tot Hem; en maar één Heere, Jezus Christus, door Welken alle dingen zijn, en wij door Hem."

Waarom over deze bijbelpassage nadenken ?
Hoewel het in deze bijbelpassage eigenlijk gaat over het eten van vlees, dat aan afgoden geofferd is, wil ik eigenlijk niet hierbij stilstaan, maar juist veel meer nadenken over alle informatie eromheen die hier gegeven wordt. Informatie die net zo waar is als het thema waarover gesproken wordt. En daarom kunnen we ook uit de "bij-informatie" iets leren.


De bijbelpassage onder de loep…
Om zo breed mogelijk naar deze passage te kunnen kijken, wil ik ten eerste nog twee andere vertalingen van deze passage naast de bovenstaande Statenvertaling zetten om zo veel mogelijk inzicht in hetgeen gezegd wordt te krijgen en wel:

  1. De Leidse vertaling:

  2. "
    Want al zijn er ook in den hemel en op de aarde zoogenaamde goden en heren, zoals er inderdaad veel goden en veel heren zijn, voor ons is er toch slechts een God, de Vader, uit wien alles komt, en wij zijn geschapen tot zijn gemeenschap; en slechts een Heer, Jezus Christus, door wien alles is geworden, en wij zijn door hem."
  3. De NBG-vertaling:

  4. "
    Want al zijn er zogenaamde goden, hetzij in de hemel, hetzij op de aarde (en werkelijk zijn er goden in menigte en heren in menigte) voor ons nochtans is er maar een God, de Vader, uit wie alle dingen zijn en tot wie wij zijn, en een Here, Jezus Christus, door wie alle dingen zijn, en wij door Hem."

Van dichtbij bekeken…
Als je de bijbelpassage, uit drie verschillende vertalingen, van dichterbij bekijkt, zie je natuurlijk een groot aantal overeenkomsten, namelijk:

Deze laatste twee constateringen sluiten ook naadloos aan bij de begroetingen die de apostelen doen naar de gemeenten toe. Zoals in de studie "de groet spreekt boekdelen" blijkt, groeten de apostelen zowel namens God de Vader als Jezus Christus de Zoon. Eén God én één Heer dus ook volgens de apostelen.

Maar de "bij-informatie" ontsluit nog veel meer voor ons, want zoals de passage verder nog verteld: (NBG) "voor ons nochtans is er maar een God, de Vader, uit wie alle dingen zijn en tot wie wij zijn, en een Here, Jezus Christus, door wie alle dingen zijn, en wij door Hem."

Hier wordt gezegd, dat:
A - Er is één God uit wie alle dingen zijn én tot wie wij zijn
B -
En er is één Heer door wie alle dingen zijn en wij door Hem.

  • Romeinen 15:6
    'Dan kunt u één van hart en uit één mond lof brengen aan God, die de Vader is van onze Heer Jezus Christus'.


    "A" nader bekeken
    De Leidse vertaling zegt bij (A) tevens: "
    uit wien alles komt, en wij zijn geschapen tot zijn gemeenschap;" Kortom: er is één God, de Vader. Alles komt uit Hem voort en is tot Zijn Eer geschapen.

    "B" nader bekeken
    Kennelijk is er naast God de Vader, de enige God zoals de tekst zegt, óók nog een Heer. Het verschil tussen de Vader en de Heer blijkt uit het verschil tussen wat er over God gezegd wordt en wat er over de Heer gezegd wordt.

    Bij "A" hebben we gezien, dat alles uit God de Vader voortkomt en tot Zijn Eer geschapen is. Bij "B" zien we, dat er bij de Heer iets anders staat, namelijk:

    (Leidse Vertaling) " en slechts één Heer, Jezus Christus, door wien alles is geworden, en wij zijn door hem."

    Hier staat dus, dat door de Heer alles is geworden én wij door Hem. Ik meen hieruit te moeten lezen, dat hoewel alles uit de Vader voortkomt én tot de eer van de Vader is: de Heer heeft het (mede) geschapen.

    Uit Spreuken 8 weten we dat de Here Jezus Christus is voortgekomen, geboren, uit de Geest van de Waarheid (klik hier voor de tekst). Bovendien weten we uit 1 Korinthe 1:18-25, dat Jezus ook wel de "de Kracht en Wijsheid van God" wordt genoemd. Spreuken 8 gaat tevens over "De Wijsheid", hetgeen dus weer prachtig overeenstemt.

    Wijsheid en Kracht van God ben ik geneigd om te vertalen met "De Heilige Geest", waaruit Jezus volgens Spreuken 8 uit is voortgekomen.


    Schijnbare tegenstellingen Spreuken 8 en 1 Kor.8:5-6
    Toch lijkt de Spreuken 8:22 (e.v.) passage ietwat in tegenstelling te zijn met de relevante Korinthe-passage, want er staat in Spreuken 8 : 26-29, "dat Jezus erbij was toen Zijn Vader alles ging maken… ". En 1 Korinthe 8 zegt dus, dat alles is door de Heer (, maar weliswaar uit de Vader en tot Eer van de Vader).

    Een schijnbare tegenstelling. Mijn ingeving hierover is, dat God de Vader door Zijn Geest ("Ruach") heeft geschapen. En Jezus is, zoals we weten uit Spreuken 8 voortgekomen uit deze zelfde Heilige Geest van God. En we weten, dat Jezus erbij was toen alles werd geschapen. Als Jezus als deel van de Heilige Geest erbij is, zou je dan niet volledig waarheidsgetrouw mogen zeggen, dat alles (ook) door Hem is geschapen ?! Mij lijkt van wel !

    Met bovenstaande conclusie blijven zowel 1 Kor. 8 én Spreuken 8 overeind. Jezus is uit de Heilige Geest, alles wordt door Hem gemaakt, maar uit (ideeën/materie etc) van God de Vader, waarvan de Heilige Geest deel is.


    Wat is nou concreet wat de bijbeltekst ons leert ?

    Bijbelteksten die bovenstaande conclusies onderstrepen
    Er zijn vele teksten die de conclusies onderstrepen. De belangrijkste zijn:


    Er zijn nog veel meer teksten, die door mij onder andere in de navolgende studies tot uiting komen, en e.e.a. onderschrijven en nader toelichten, namelijk:

    Uit deze studies blijkt, behalve het inhoudelijke, ook nog eens, dat Gods Woord een "eenheid in Waarheid" is. Hoe je er ook tegenaan kijkt, wat je ook uitlegt; het moet altijd in totaal weer kloppen. Zowel inhoudelijk als fundamenteel.

    Ik raad u zeker aan om de studeerkamer eens te bezoeken. Misschien dat ook u tot ongekende inzichten komt !


    Door: Hein Kuipers dd. 24 augustus 2003
    Terug naar Studeerkamer
    Terug naar Bieb
    HOME