Gratis onze maandelijkse nieuwsbrief per e-mail ontvangen? Klik hier !

Handoplegging: één van de Christelijke grondslagen
Hebr. 6:1-2
'Laten we overgaan tot de leer voor volwassenen en niet nog eens de grondslagen leggen, zoals: het zich afkeren van een levenswijze die op de dood uitloopt, het geloof in God, het onderricht over de doop, de handoplegging, de opstanding van de doden en het eeuwige oordeel.'

Priesterschap: God wijst zijn 'priesters' aan en rust ze toe
Uit Hebreeën hoofdstuk 5 en 6 komen we meer te weten over het priesterschap van Jezus, de stam van Levi, maar ook over het priesterschap van Christenen. Ook wordt in hoofdstuk 6 duidelijk, dat een Christen die als priester met de Geestesgaven is toegerust (lees: Hebr. 6:4-6) en afdwaalt van het geloof niet meer tot inkeer kan worden gebracht. Die persoon heeft immers deelgenomen aan Gods heerlijke Gaven en desondanks tegen Hem gekozen.

'Want wie eenmaal het licht hebben ontvangen, genoten hebben van de hemelse gaven en deel gekregen hebben aan de heilige Geest, wie de goedheid van Gods woord en de kracht van de toekomstige wereld ondervonden hebben, en na dit alles zijn afgevallen, die kunnen niet opnieuw tot inkeer worden gebracht' (Hebr 6:4-6)

Voordat echter de persoon 'deelhebber wordt aan de Geestelijke Gaven' staat in Hebr. 6:1-2 dien je de basisbeginselen van geloof te kennen. 'Een grondslag leggen' staat er. Een aantal basale grondslagen worden genoemd, waaronder: 'de handoplegging'.


Kerken: geen bijbels geloofsfundament dus geen handoplegging
In de meeste kerken wordt niet over handoplegging gesproken of geleerd. Dit komt doordat de meeste kerken geen bijbels geloofsfundament hebben; zij leren dat Jezus en GOD dezelfde '3-ene-god' betreft. En dus hebben ze alleen een '3-ene-doop' tot 'hun 3-ene-god'.

Deze kerkvisie gaat in tegen het Evangelie -namelijk dat GOD ons Jezus zond- en tegen het feit dat Jezus een geschapen wezen is ('zoon van'; zie Psalmen 2:7) en dus niet eeuwig heeft bestaan. Ook gaat de kerkvisie in tegen de woorden van Jezus over 'zijn GOD en zijn Vader' [Joh 20:17].

De Bijbel vertelt ons, dat er maar 1 GOD is en ook 1 Hogepriester voor die enige GOD en die Hogepriester is Jezus. Gods Geest is Gods Eigen Geest [1Cor2:11] en Jezus is verbonden aan de Eeuwige [=GOD] en daarom ook eeuwig cq goddelijk.

Sommige kerken beweren 'dat ze tijdens de doop de hand ophouden' en dat dan de handoplegging zou zijn, maar met een 3-ene-godheid die niet bijbels is, kan dat dus niet waar zijn.

Er zijn enkele kerken die wel aan 'handoplegging doen' [vooral voor de 'healing' of 'falling'], maar die hebben eveneens die '3-ene-godheid' en zij leven derhalve ook in ontkenning van het Evangelie, dus een handoplegging met een dergelijk geloofsfundament is niet tot GOD, maar tot demonen!

Je zou je ook kunnen afvragen wat 'kerkleden' eigenlijk zouden kunnen op de kerkelijke grondslag t.b.v. de kerk. Christenen zijn namelijk niet dienstbaar aan 'kerken' maar in Jezus en verbonden aan GOD door Diens Geest met de Geestesgaven aan alle naasten!

Bovendien weten we uit Hebreeën, dat:


Het ontvangen van de Heilige Geest
'Nadat die daar aangekomen waren, baden ze voor hen dat zij de heilige Geest mochten ontvangen. Want de Geest was nog over geen van hen gekomen. Ze waren alleen maar gedoopt in de naam van de Heer Jezus. Toen legden Petrus en Johannes hun de handen op en zij ontvingen de heilige Geest.' (Hand.8:15-17)

Uit deze tekst uit Handelingen weten we, dat mensen gedoopt waren in de naam van de Here Jezus maar de Heilige Geest / Geestesgaven nog niet hadden ontvangen.

En dat het beslist wel de bedoeling is om de Geestesgaven te ontvangen. Petrus en Johannes gingen bidden dat de gedoopten de Heilige Geest mochten ontvangen en daarna werden hen de handen opgelegd vertelt de tekst. Dus niet tijdens de doop, niet eraanvoorafgaand, maar: een tijd ná de doop dus. (klik hier en lees meer over waarom de Geestesgaven na handoplegging na de doop worden gegeven door God).

Waarom is het belangrijk dat je de Heilige Geest ontvangt?
De Heilige Geest is de Wil van God op Aarde. Bovendien stelt de Heilige Geest ons in staat om Gods Wil te doen. De zegening met de Heilige Geest rust ons toe met de Gaven die wij nodig hebben om -Hem tot eer- onze naaste te dienen.

Met het ontvangen van de Geestesgaven heb je letterlijk jouw wil afgelegd en jouw leven in de handen van God gelegd. En daarmee neem je dus waarlijk deel aan Gods Geest volgens de Hebreeën-tekst. En ook dit laatste is zéér belangrijk !


Over 10 bruidsmeisjes, olie en…woekeren met talenten
'Het hemelse koninkrijk lijkt op tien meisjes die hun olielampen pakten en de bruidegom tegemoet gingen. Vijf van hen waren dom, vijf van hen waren verstandig. Toen de vijf domme meisjes hun olielampen pakten, vergaten ze extra olie mee te nemen, maar de vijf verstandige meisjes namen behalve hun lampen ook flesjes olie mee.' (Matt. 25:1-4)

Uit deze Mattheüs-passage weten we dat we 'extra olie' nodig hebben voor als we in afwachting zijn van 'de Bruidegom' cq 'als we de Bruidegom tegemoet gaan'.

De Bruidegom in dit verhaal is Jezus. Hij komt terug naar ons. En het verhaal vertelt, dat we 'reserve-olie' nodig hebben om onze lamp brandend te houden in het donker.

Een brandend licht in het donker is belangrijk. Je kan je weg blijven zien, het houdt wilde dieren en rovers op afstand. Je blijft veilig. Maar hoe zorg je er nu voor, dat je 'de olie in de lamp kan blijven houden'? Hoe behoud je de Heilige Geest in jou ?

Hoe je de vlam 'aan' houdt: de Geestesgaven inzetten tot Zijn Eer
Want het is er mee als met een man die, toen hij op reis ging, zijn slaven ontbood en hun zijn geld overhandigde; den eerste gaf hij vijf talenten, de tweede twee, den derde één, ieder naar zijn bekwaamheid. Toen reisde hij af.. (Matt. 25:13-15)

En dit verhaal van Jezus gaat verder met het vertellen, dat iedere dienaar van die man geld kreeg en dat het de bedoeling was om de waarde van de som te doen groeien. En de dienaren wisten dit, maar toch was er één dienaar die besloot om niet te 'woekeren' met de geldsom en dus vermeerderde de som niet. Toen de man terugkwam, strafte de man zijn dienaar, omdat deze niks had gedaan met wat hem ter beschikking gesteld was…


Klaarstaan en klaar-zijn voor de dag dat Jezus terugkeert

Klaarstaan voor de komst van Jezus betekent dus, dat je klaar bent om mee te gaan met Hem naar de Hemel waar Hij voor ons een plaats heeft klaargemaakt om te verblijven.

En 'klaar-zijn daarvoor' betekent dus, dat je:

  1. De basisbeginselen van je geloof kent
  2. Gelooft in God, Jezus, de Heilige Geest en overige basisbeginselen
  3. De Geestesgaven hebt ontvangen door handoplegging
  4. De Geestesgaven inzet tot Zijn Eer (evangelisatie, onderwijs, doop, genezing etc.; hiermee hou je 'reserve-olie' en dus 'de vlam in je lamp brandend')

En het laatste punt is dus onmisbaar in je gehele vorming als Christen. Zonder dit laatste punt maak je nog geen deel uit van de Geest en heb je dus géén olie in je lamp.

En zonder die olie val je dus in slaap in de gevaarlijke duisternis. Bovendien loop je dan zeer waarschijnlijk de wederkomst van Jezus mis. Maar zelfs als je Hem terug ziet komen: zonder deel te hebben aan de Heilige Geest, zonder de Heilige Geest brandend te houden (doordat je je niet Gavengericht naar Zijn Wil hebt ingezet) zal je niet met Jezus meekunnen naar de Hemel…

Vervolg op deze studie: Basisbeginselen 'handoplegging in praktijk'


Door: Hein Kuipers dd. 13 oktober 2003

Terug
Door naar: 'Basisbeginselen handoplegging'
HOME