Gratis onze maandelijkse nieuwsbrief per e-mail ontvangen? Klik hier !
Leefde Jezus echt op Aarde?!
De Bijbel wordt door de meeste mensen geen betrouwbaar geschiedenisboek gevonden. Daarom zullen de meeste mensen ook niet uit dat boek willen aannemen dat Jezus echt op Aarde is geweest. Gelukkig zijn er ook nog de diverse historici, gewone mensen en bronnen uit vele landen die op verschillende wijzen melding maken van Christus, zijn kruiziging, zijn volgelingen, etc., zodat tenminste duidelijk is, dat Jezus geen verzonnen persoon is.
Romeinse-, Griekse- en Joodse historici die getuigen van Jezus
Meerdere historici uit diverse landen getuigen op verschillende wijzen van het bestaan van Jezus, zijn kruiziging en zijn volgelingen; de Christenen.
- De Romein Tacitus bijvoorbeeld,
die als één van de nauwkeurigere historici uit de oudheid mag worden beschouwd; hij maakte melding van in de eerste eeuw levende bijgelovige "Christenen" ("vernoemd naar Christus") die tijdens de heerschappij van Tiberius onder Pontius Pilatus leden.
- Ook is er de secretaris van de Romeinse Keizer Hadrianus genaamd Suetonius Tranquillus uit de 2e eeuw;
hij schreef dat er een man was met de naam Chrestus (of Christus) die in de eerste eeuw leefde (Annalen 15.44 ).
- Nog een Romeinse bron: Plinius de Jongere
legde in zijn brieven (10:96) de christelijke aanbidding vast, waaronder het feit dat de Christenen aanbaden alsof hij GOD was. Ook maakt hij melding van het feit dat de Christenen zeer ethisch waren en hij verwijst tevens naar de liefdemaaltijd (agapè) en het Avondmaal. Ook vertelt hij over de enorme snelle groei van de Christengemeenschap in de 1ste eeuw en dat ondanks enorme vervolging.
- Ook kan Lucianus van Samosata genoemd worden. Hij was een Grieks schrijver in de tweede eeuw
die toegeeft dat Jezus door de Christenen werd aanbeden, dat hij nieuwe leerstellingen introduceerde en hiervoor werd gekruisigd. Hij zei dat de de leerstellingen van Christus onder meer de broederschap van gelovigen bevatten, alsmede het belang van bekering en het belang van het ontkennen van andere goden. Christenen leefden volgens de wetten van Jezus, geloofden dat ze onsterfelijk waren en werden gekarakteriseerd door een minachting voor de dood, vrijwillige zelf-toewijding, en het afwijzen van materiële bezittingen.
- Flavius Josephus is de beroemdste Joodse historicus uit de 1e eeuw. In zijn Antiquitates refereert hij aan Jakobus, "de broer van Jezus, die de Christus werd genoemd".
Er bestaat een vers (18:3) dat als volgt gaat:
"Te dien tijde was er een zekere Jezus, een wijs mens, indien men hem althans een mens noemen mag; want zijn werken waren wonderbaar. . . Deze was de Christus . . . hij is hun ten derden dage weer levend verschenen, gelijk de goddelijke profeten, onder meer andere wonderlijke dingen, van hem voorzegd hadden". Eén bepaalde versie van dit vers zegt: "Te dien tijde was er een zeker wijs man die Jezus werd genoemd. En zijn gedrag was goed, en hij stond bekend als deugdzaam. En vele mensen onder de Joden en andere naties werden zijn discipelen. Pilatus veroordeelde hem tot de kruisiging en de dood. En zij die zijn discipelen waren geworden verlieten hem na zijn dood niet; zij verklaarden dat hij drie dagen na zijn kruisiging aan hen verschenen was en dat hij leefde; zodoende is hij misschien de Messias over wie de profeten wonderlijke dingen voorzegd hadden".
Ook andere bronnen verwijzen naar Jezus
Er zijn ook nog andere bronnen die wijzen op Jezus, diens kruiziging en volgelingen:
- De Babylonische Talmoed (Sanhedrin 43a) bevestigt de kruisiging van Jezus
op de vooravond van het Pesach-feest, en de beschuldigingen aan het adres van Jezus dat Hij aan toverij zou doen en Joodse afvalligheid zou aanmoedigen.
- Julius Africanus uit de 2e / 3e eeuw citeert de historicus Thallus
in een discussie die volgde op de kruisiging van Christus (Extante Geschriften, 18).
Ongetwijfeld zijn er nog veel meer direkte- en indirekte vermeldingen van Jezus door niet-christelijke- en niet-Joodse mensen in de eerste eeuwen. De bovenstaande vermeldingen zijn eigenlijk al direkt genoeg en duidelijk genoeg om te kunnen begrijpen dat Jezus waarlijk op Aarde leefde, dat hij gekruizigd werd en dat hij voor- én na de kruiziging vele volgers had en nog meer volgers kreeg.
Is Jezus waarlijk Gods zoon & stond hij op uit de dood?
En nog belangrijkere vragen die zullen volgen zodra je begrepen hebt dat Jezus echt op Aarde was, zullen zijn:
'is Jezus dan ook echt de zoon van GOD?'
'stond Jezus echt op uit de dood na diens kruiziging?'
Zowel uit de verklaringen van die historici kan gehaald worden, dat Christenen die leefden tijdens- en na de kruiziging van Jezus zéér overtuigd waren van zijn opstanding.
Zij waren getuigen geweest van zijn dood en opstanding, ze hebben de apostelen die getuigenissen aflegden over de dood- en opstanding van Jezus gesproken en hun brieven gelezen en velen van hen hebben eveneens de moeder en broers van Jezus gesproken.
En we weten dat leven in die waarheid hen tot zéér groot geloof leidde;
Lucianus van Samosata schreef immers:
Christenen leefden volgens de wetten van Jezus, geloofden dat ze onsterfelijk waren en werden gekarakteriseerd door een minachting voor de dood, vrijwillige zelf-toewijding, en het afwijzen van materiële bezittingen.
Zouden Christenen waarlijk 'minachting voor de dood' kunnen hebben als ze wisten dat Jezus niet na de kruiziging uit de dood was opgestaan?! Nee dus!
Zouden Christenen zich laten vervolgen, kruizigen, gevangenzetten, folteren, etc. als ze wisten dat het bestaan van Christus en zijn opstanding uit de dood niet de waarheid zouden zijn?! Nee dus!
Als de waarheid anders zou zijn dan dat Jezus werkelijk bestaat en anders dan dat hij na zijn kruiziging uit de dood opstond, dan zouden Christenen de hevige vervolgingen nooit hebben willen ondergaan en zouden zij nooit 'minachting voor de dood kunnen tonen'.
Maar de Christenen uit de 1e eeuw bleven wél van hun geloof getuigen en de gemeenschap groeide explosief ondanks de hevige vervolgingen!
Plinius de Jongere vertelt immers over 'de enorme snelle groei van de Christengemeenschap in de 1ste eeuw en dat ondanks enorme vervolging'.
Natuurlijk zijn er ook nog de 1e Christenen zelf die in de Bijbel vermeld zijn. Ondanks dat zij vervolging moesten ondergaan, gestenigd werden en stierven door het zwaard of kruiziging: zij gaven hun geloof niet op. Zij hadden Jezus immers meegemaakt; zijn kruiziging én zijn opstanding. Zij konden hun geloof daarom gewoonweg niet loochenen. Als het allemaal niet zo zijn geweest, zouden zij simpelweg niet meer van hun geloof getuigd hebben en ze zouden zijn blijven leven!
Historische geschriften & gedragingen zijn overtuigend bewijs
Jezus is geen verzonnen persoon voor een boek. Hij heeft echt op Aarde geleefd. En zijn leerlingen, familie en volgers wisten uit 1e hand over de waarheid omtrent zijn bestaan, kruiziging en opstanding uit de dood. Zij waren niet bang meer voor de dood, omdat ze uit 1e hand wisten over geloof, bekering, opstanding en eeuwig leven. Zij leefden daarnaar, terwijl velen van hen door vervolging, kruisdood, het zwaard of in gevangenschap om het leven kwamen.
Zo weten dus ook mensen die niet geloven in wat de geschiedkundigen en andere wereldse bronnen vertellen tegelijkertijd ook dat die geschiedkundigen en hun geschriften/beweringen wel degelijk betrouwbaar zijn!
Jezus bestaat echt, hij leefde toen op Aarde, werd gekruizigd en stond op uit de dood. En Jezus leeft dus een zit rechts naast GOD -de Majesteit in de Hemel - als Diens Hogepriester (Hebr 8:1).
Bronvermelding/naslagwerken:
http://www.gotquestions.org/Nederlands/bestond-Jezus.html
http://www.zoektocht.net/start/jezus1.html
Door: Hein Kuipers dd. 24 november 2007
Terug
HOME